Kistemaker NetWerk

Samen nei de brand (Brandweer Andijk 1945-1995)
W. Gutter

- 9 -

Waren er vroeger nog wel es schoorsteenbranden, in de jaren '60 veranderde ook dit. Langzamerhand ging heel Nederland over op oliestook.
Vooral de dames waren hier wel voor. Het was beslist een stuk schoner en het stoof niet zo. Ook had je geen last meer van kolendampvergiftiging. Maar ja, met een oliestook had je weer andere problemen. Als de carburateur niet goed werkte kon het gebeuren dat het oliepeil zich nergens meer iets van aantrok en over het reservoir heen liep, en dan had de rooie haan alweer een mooi begin. Het stond allemaal nog wat in de kinderschoenen en ook in de grote schuren en de kassen
ging het wel es niet zoals het hoorde.
Watercultuur in de witlof was nog niet bekend, dus trokken de tuinders de witlof in stro, de kachel erbij en broeien maar. U begrijpt, dat deze kachels groter waren dan een kamerkachel. Bovendien hadden deze kachels de eigenaardige gewoonte om te brullen, en daardoor begon de kachel vaak te trillen. Dan wilde zo'n ding wel es van z'n plaats raken, wat bij voorkeur graag 's nachts gebeurde. Als er dan één poot van de tegel was afgegleden volgde de kachel vanzelf wel, lekker in het stro want daar stond ie nou een keer.
Het was verbluffend zo gauw als de witlof dan weer in de open lucht stond. Een grote hitte onder het glas, buiten steenkoud, dan was er in de kortst mogelijke tijd geen ruit meer heel. De witlof kletsnat van het water, een beetje vorst er overheen en weg was de oogst.
Ondertussen werd het korps door de cursussen steeds gehaaider. Er liepen zelfs al brandwachten 1e klas rond.
De Cdt. had ook gehoord over persluchtapparaten, waarmee je wel een half uur in de rook kon verblijven.
Een binnenbrand bijvoorbeeld hoefde je dan niet meer van buitenaf te bestrijden. En zo trokken er een man of zes te cursus om zich in dit onderdeel te bekwamen. Ze leerden er weer een heleboel bij over hoe je je diende te gedragen in een brandend object, en dat je altijd met z'n tweeën naar binnen moet gaan en nooit of te nimmer alleen. Ze werden er met klem op gewezen dat voor hen de gevaren ook groter werden. Je kon nu wel mooi naar binnen gaan, maar wie garandeerde je dat het object nog een poosje bleef staan. Ook leerde je wat je met een slachtoffer moet doen die niet mee wil enz. enz. De mogelijkheden waren nu wel groter, maar de gevaren ook.

Vorige paginaVolgende pagina

© 2001-2012 | Kistemaker NetWerk

Westfries Genootschap