Samen nei de brand (Brandweer Andijk 1945-1995)
W. Gutter
- 24 -
Ondertussen deed in deze jaren weer een nieuw fenomeen z'n intrede in de beschaafde wereld en wel
de open haarden.
Dat was erg gezellig, en verscheidene doe het zelvers gingen aan de slag. Oude schoorsteenmantels slopen, open haardje metselen, schouwtje erboven, en
brullen met de handel. Gezellig met een glaasje in het vuur staren en
luisteren naar het geknetter van het vuur. Nu gebeurde het in sommige
gevallen dat het geknetter steeds maar toenam, doch niet door de open haard
werd veroorzaakt. Soms zelfs terwijl men al op bed lag. Het duurde niet zo
lang of de brandweer was weer op pad.
Schoorsteenbrand! De nijvere doe het zelvers hadden zich verkeken op hun
schoorsteen. Open haarden kunnen zo'n hitte ontwikkelen, waar een
schoorsteenpijp uit het verleden niet geschikt voor is.
Omdat veel woningen al jaren geleden waren gebouwd, was de schoorsteen er
ook niet beter op geworden. Kleine scheurtjes in de voegen werden door het
gestook alleen maar groter. Ook was de schoorsteen in diverse verbouwde
huizen netjes weggewerkt. Door al die oorzaken werden in die tijd de open
haarden de hofleverancier van de brandweer.
Kennelijk raakte onze nieuwe brandweercdt. hierdoor ook wat van de kook.
Want toen hij zich in een donkere nacht met een schoorsteenbrand naar de
plek des onheils spoedde, was hij meteen onvindbaar. Evenzo de brandkraan,
die gebruikt moest worden ter bestrijding van de brand. Waar was de
brandkraan gebleven? En waar was de commandant? Er werd zeer driftig langs
de kant van de weg gezocht, geen kraan. Opeens kwam daar de Cdt. uit het
object vandaan, notabene met perslucht op. Hij was helemaal vergeten dat ie
Cdt. was. Want commandanten behoren zich op een centrale plaats te bevinden
en zeker niet met perslucht op ergens rond te dwalen. Hij werd gelijk door
de 1e ondercdt. op deze misvatting gewezen, en deze meldde hem tevens dat er
geen brandkraan was te vinden. Gelukkig dat het deze nacht zeer donker was,
zodat niemand kon zien hoe rood hij werd. Had de Cdt. warempel z'n auto ook
nog op de brandkraan geparkeerd. Het moest verdraaid nog aan toe niet gekker
worden en de gebelgde secr. verzekerde hem, dat dit op slag in de notulen
vermeld zou worden, want dit moest natuurlijk niet vergeten worden. Om
zoiets kun je dan later nog es lachen. Het is U onderhand wel duidelijk
geworden, dat spuitgasten er een groot behagen in scheppen elkaar regelmatig
op de kast te jagen.