Kistemaker NetWerk

75 jaar 'het Gele Kerkje' 1928 - 2003
Jan Nijboer

Een eigen onderdak (13)

In het vroege voorjaar van 1936 biedt A. Kistemaker aan dat hij de kerk wel wil schoonmaken, tenminste wanneer hij het achter de kerk gelegen stukje grond ook mag gebruiken. Het verzoek wordt ingewilligd onder voorwaarde dat de grond goed bemest wordt.
De laatste officieel aangestelde schoonmaker van de kerk in het tijdperk van het Hersteld Verband is de heer H. de Boer. Dat gebeurt in oktober 1945.

Het zou anno 2003 door de Kerkvoogdij geschreven kunnen zijn, maar 73 jaar geleden vond men het ook al belangrijk om de legkast in de consistorie te voorzien van een paar deurtjes met slot, "om de voorwerpen in te bergen die zich niet lenen zomaar losweg op te bergen", en aan de zuidwesthoek van het kerkgebouw zou eigenlijk een steun aangebracht moeten worden onder de dakgoot, "omdat door de schuine stand het regenwater over de gootrand morst en de verf bederft."
Verder laten enige leien los, dus moet leidekker Brandsma het dak op om deze opnieuw te vast te zetten en laat de ventilatie in de kerkzaal te wensen over. Als oplossing van dit euvel zal een raam aan de westzijde van de kerk veranderd moeten worden zodat het openslaan kan.
Timmerman Beelenkamp van Buurtje gaat deze klus klaren.

Vorige paginaVolgende pagina

© 2001-2012 | Kistemaker NetWerk

Westfries Genootschap