Met sprongen door de Andijker Historie
Piet Kistemaker Sr.
2. Kerstening.. 690 na Chr.
IK luister naar de radio....
Uit een kerk, "ergens in Engeland",
wordt een dienst uitgezonden.... Het is aangenaam luisteren.... de Anglicaansche liturgie
is mooi.... er gaat wijding van uit.... de "lessons".... de
"prayers".... de "hymns, ancient and modern".... het is alles plechtig
en mooi om naar te luisteren. Een priester zegt het Credo: "I believe in God" en
de gemeente zegt het hem na: "I believe in God".... Even ontroert mij een
gedachte: Twaalf eeuwen geleden is dat hier zo geweest: Hier, in Wervershoof, zong een
Engelse priester de hymnen, bad de gebeden, zei het Credo voor: "Ek gelobe in
Got" en een kleine schare gelovigen zei het hem na: "Ek gelobe'in Got"....
Het is een ontroerende gedachte en opeens zie ik het voor me: een klein houten kerkje....
misschien alleen maar een schuur.... een klein
altaar....een priester in witte kledij.... een kleine groep aandachtige hoorders.... niet
vele rijken, niet vele adelen.... ruige mannen in bruine kleren, met ruwe koppen....
jagers en vissers meest.... vrouwen met hooflddoeken.... enkele kinderen.... die tezamen
datzelfde belijden: "Ek gelobe in Got"!....

Een kleine groep aandachtige hoorders
690 na Christus: een priesterhuis gewijd te
Wervershoof.... Is het waar, is het werkelijk zo gebeurd....? Is het slechts een
legende....? Het doet er niet toe, het feit verandert niet: hier neemt een volk een nieuw
geloof aan! Een kleine vonk van het nieuwe licht begint hier te gloren.... ook hier.... in
deze kleine samenleving.
Op de achtergrond van dit simpel gebeuren woedt
een geweldige strijd: twee machtige rijken bekampen elkaar op leven en dood! Friezen
vechten zich vrij van de opdringende Franken.
K o n i n g e n voeren deze strijd, Pepijn van Herstal
voor de Franken en Radboud voor de Friezen.
"Want Puppijn van Herstelle geboren,
Diet sweert van Vrankerik droeg,
Hi had oorloghe genoeg
leghen Robode, Gots vlant'...."
zegt een oude Rijmkronijk.
Dit is geen strijd van vandaag of gister....
reeds jarenlang staan Franken en Friezen bloedig tegenover elkaar.... Met wisselend succes
voeren de koningen hun heerscharen ten krijg.... Nu eens wint de Fries, dan weer de Frank!
Reeds zestig jaar terug heeft Dagobert, koning der Franken, Utrecht veroverd en de
priesters hebben daar een kapel gesticht ter eere Godes ende Sinte Martinus.... Maar de
stoute Friezen hebben de stad herwonnen en de kapel grondig verwoest. Geen teken des
kruises in het vrije Friesland.... Maar opnieuw zijn de Franken in menigte komen
opzetten.... weer hebben ze Utrecht genomen en de kruisbanier geplant....
In meer vreedzame jaren is Utrecht het centrale
punt. Van daaruit bereizen de zendelingen het Friese land.... Geen Franken zijn het, maar
Angelsaksen, stamverwant aan de Friezen.... geleerde mannen van edelen bloede, in
ontwikkeling ver verheven boven het ruige, ongeletterde volk.... Och, het is ook niet hun
doel de nieuwe leer eerst en vooral aan het volk te brengen.... ze prediken meest voor
huns gelijken, de overheden.... als die gewonnen zijn, volgt het volk immers vanzelf....
Zo trekken dus de Engelse predikers het Friese
land binnen. Willibrord, Wikberth, Wilfrith, Winfrith en Werenfrith, het zijn
Angelsaksische namen en ieder voor zich hebben ge een bekende klank in de geschiedenis van
de kerstening van ons land. Volgens overlevering was het Werenfrith, die in West-Friesland
predikte en naar hem zou dan Wervershoof "Werenfridushove" heten.... Heel aardig
gevonden!
Hoe lang Werenfridus hier arbeidde, is niet
bekend... .Niet als Westfriese zendeling, maar als "apostel van Gelderland"
leeft zijn nagedachtenis voort. Te Elst in de Betuwe ligt hij begraven, en de snode Geuzen
hebben zijn praalgraf deerlijk geschonden....
Sanctus Werenfridus Episcopus.... heilige
bisschop Werenfried.... Even zien wij hem nog.... in purper gewaad, met mijter en
kromstaf, de nimbus gloriërend om zijn edel hoofd....
Flauwer wordt die glans.... de glorieuze schijn
verbleekt.... Donkere wolken pakken zich samen.... Ruwe stormen woeden over land en
zee.... Wild bruist het water.... zware rollers lopen ver uit, vreten diepe gaten in het
land.... Watervloed volgt op watervloed.... jaar in, jaar uit.... eeuw in, eeuw uit....
Felle stormen uit het noordwesten jagen de zee over het land.... het fraaie landschap gaat
teloor in de golven.... het wordt overspoeld door zand, dat zich ophoogt in brede
golvingen van noordoost tot zuidwest..... Als de zee weer aftrekt, blijft in de dellingen
bezinksel, liggen, na elke watervloed wordt de kleilaag iets dikker.... zo vormt zich het
nieuwe land!
Donkere eeuwen volgen nu. Was het land, wel
bewoonbaar in deze tijd....? Woonden hier toen nog mensen....? Hoe zijn ze er ooit
doorgekomen? Van het fraaie landschap, waarin de Engelse predikers werkten is weinig meer
over.... Waterland is het geworden.... poelen en plassen, met daartussen land "van
kranker waarde".... En zonder ophouden is er de eeuwige dreiging van de
watervloeden.... de zee wordt erfvijandl
Dan, opeens: hoog op de golven de
Vikingschepenl Schrikkelijk om te zien, drakenkoppen met wijdgesperde muilen aan de
boeg.... serpenten en de slangen in felle kleuren op de rode zeilen.... Luid gezang van de
roeiers, die een helden-epos aanheffen.... Gekletter van schilden en zwaarden!
Vlucht! V l u c h t! De wilde Noorman rooft en brandt op
onze kusten! Hij ontziet niets en niemand: de geringe weerstand van het landvolk is ijdel
en spoedig gebroken door de speer en het korte zwaard.... het vee
wordt geroofd.... de vrouwen verkracht.... Het moeizaam verworven bezit is opeens
verloren.... op menig strodak van een Friese hoeve kraait de rode haan.... Zwartgeblakerd,
woest en ledig ligt het Friese land.

Dan, opeens: hoog op de golven de Vikingschepen
Na jaren keren de vluchtelingen weer.... Met
onversaagde moed beginnen zij opnieuw.... herbouwen de huizen. Langzaam, maar gestadig
groeit de veestapel weer aan.... wordt het gemeenschappelijk grondbezit weer groter.... Er
graast weer vee op de "miensker", de meenschaar of wel de dorpsweide....
Hier nemen we de derde
sprong: