Met sprongen door de Andijker Historie
Piet Kistemaker Sr.
6. Van wierdijk tot steenglooiïng. 1731.
IN November 1 7 3 1 vaart een klein schuitje langs de zware paalregels van de Noorderdijk.... Deftige heren zitten er in: Mr. Joan de Jong van Persijn, Dijkgraaf van Enkhuizen, Mr. Wouter de Jongh, President-Meemraad, Pieter Straat, Hoofd-Ingeland en Broer Smit, Waardschap.

Een stevige zeewering
De heren laten zich langzaam-aan langs de
palen roeien en monsteren die zorgvuldig.... een voor een.... Ze bekloppen de palen en
soms slaan ze er met een bijl een flinke splinter af.... Dan kijken ze elkaar eens aan en
schudden bedenkelijk het hoofd.... Dit lijkt een ernstig geval! Wat is er toch aan de
hand? Wat dringt die deftige heren tot dit koude avontuur? Want het is koud in
November aan de noordkant van die hoge palen, die daar mannetje-aan-mannetje staan, de
hele dijk langs, op sommige plaatsen zelfs drie rijen achter elkaar.... Een stevige
zeewering zo: een hechte muur van eiken en grenen palen, onderling verbonden door zware,
dwarsbalken met ijzeren bouten! Ze kunnen tegen een stootje.... laat gerust de witgekuifde
rollers maar komen, deze zware krebbingen de wierriem behoeden voor inkalving, de brede
wierlaag ligt er veilig achter.... geen storm zal de dijk meer kunnen schaden.... of,
erger nog.... de polder overstromen.... De paalregels breken de golfkracht.... de burgerij
kan rustig slapen.... de zeewering waakt.... vrede, vrede en geen gevaar....
Ja, dat d e n k e n ze, geen gevaar! Er is
juist groot gevaar en het is daarom, dat de deftige dijkheren zoveel aandacht aan de palen
besteden.... en elkaar aankij ken.... en bedenkelijk hoofdschudden....
Heel die reusachtige eiken- en grenenhouten,
muur is w a a r d e l o o s ! Het werk van eeuwen, waaraan gesIachten hebben gearbeid, is
totaal vernield! Het is maar schijn, waarop men vertrouwt! West-Friesland ligt zonder
bescherming.... open voor het onstuimig geweld van de zee.... de beschermende muur is
vernield!
Hoe zo.... vernield? Maar de palen staan er
toch? Er is zo niets bijzonders aan te zien! De hoge houten muur lijkt nog volkomen
intact.... onzin.... die geweldige beschoeiïng opeens waardeloos....?
En toch is het zo! Een klein insect, slechts
enkele centimeters groot, heeft dit mensenwerk in korte tijd totaal vernield. Dit kleine
wormpje, een weekdier nog wel, met twee kleine boorschelpjes aan de kop, boort een klein,
nietig gaatje in de paal, juist op de waterlijn. Het wroet zich verder en verder in het
hout en naarmate de worm groeit, wordt ook de opening groter.... tot vingerdikte ongeveer.
Van buiten is er dan niets te zien, slechts een onopvallend wormsteekje.... maar dat heeft
houtwerk wel meer!
Daarom zien de Andijkers het eerst niet zo
ernstig in.... Er zijn wel enkele palen komen aandrijven, ergens van Den Helder of Texel,
en daar waren gaten in groter dan we hier. gewoon waren.... Maar, Den Helder en Texel....
dat is de Noordzee...., de paalworm zal wel met de stroom meegaan, hogerop naar de Denen
en Noormannen.... Vrede en geen gevaar....
Maar het schadelijk insect stoort zich niet aan
zulke gedachten. Het komt juist w e l onze kleine binnenzee bezoeken, niet als een enkel
verdwaald exemplaar, maar als sprinkhanen in menigte! Hier is voedsel in overvloed....
alle dijken zijn immers bekrebd met lange paalregels.... kilometers houten muren
aaneen.... Ze boren gaatjes in het hout, juist onder de waterlijn en wroeten ongestoord
verder.
De dijkheren vinden het een ernstig geval! Hier
moeten onmiddellijk voorzieningen getroffen worden! Het is immers al November.... er
kunnen stormen komen.... of ijsgang.... de winter staat voor de deur!
De storm komt! Kerstmis 1 7 3 1 stormt
het.... Niet eens zo bijzonder woest, dat hebben ze hier aan de Noorderdijk wel eens erger
beleefd! Maar na die storm drijven er menigten afgebroken palen in zee.... In de vijvers
bij de Tent liggen er tenslotte wel 300.... allemaal met hetzelfde euvel: wormgaatjes op
de waterlijn. Lelijke gaten zijn er in de houten muur geslagen En de rest, die er nog
staat, heeft als zeewering geen waarde meer! Hier moet onmiddellijk in voorzien
worden!
Talrijke ontwerpen van deskundigen komen
binnen. De een weet het al beter dan de ander! Maar twee er van trekken toch bijzondere
aandacht: zó moet het uitvoerbaar zijn, zó kan de boze vijand bedwongen worden!
Het ene is van Seger Lakenman, de secretaris
van Drechterland. Hij stelt voor: op de meest bedreigde punten slaperdijken aan te leggen.
Houdt de buitendijk het dan niet, dan zal toch de binnendijk de tweede en lichtere stoot
op kunnen vangen.... Een totale doorbraak is dan niet te vrezen. Maar de
"behoudende" ingelanden vrezen wel afgraving van hun binnendijkse landen en
daarom zijn ze er vierkant tegen: kom je aan mijn land, dan kom je aan mij! Beter lijkt
het andere ontwerp, ingezonden door Pieter Straat en Pieter van der Deure, beiden uit
Bovenkarspel. Hun idee is nieuw: inplaats van de houten krebbingen willen ze de wierriem
beschermen met zware klip- en keistenen, glooiïngsgewijs te leggen om de golfslag te
breken....
Ze hebben succes: bij de haven van Enkhuizen
mogen ze hun ontwerp ten uitvoer brengen en.... de dijkheren keuren het goed!
Nu volgt een periode van enorme drukte aan de
Noorderdijk.... Duizenden tonnen steen worden uit Noorwegen aangevoerd en tegen de dijk
gezet.... Een prachtig gezicht: die fraai getuigde driemasters daar te zien wenden en
keren.... zoals ze zwaarbeladen voor de wal kwamen glijden.... of ledig weer wegvoeren,
hoog en rank op het water, telkens overstag bij het laveren. Een gezellige drukte bij de
steenzetters, die de onbehouwen stenen met behulp van de steenbok zo netjes weten te
plaatsen....
Enorme kosten brengt dit werk mee: alleen in 1 7 3 3 kost de Drechterlandse zeedijk 160.000 gulden.
Twee eeuwen is die zware steenlaag een veilige bescherming voor Andijk.... Dan is het niet meer zo nodig. Hogerop hebben ingenieurs een
grote dam gelegd, van Holland naar Friesland. De Zuiderzee wordt IJsselmeer en de
Westfriese dijken worden slaperdijken.... stille getuigen van een eeuwenlange strijd tegen
het water, door meer dan dertig opeenvolgende geslachten gevoerd.
De zevende sprong is
maar klein: we blijven nog in het begin van de 18e eeuw.