Kistemaker

Thuis » Diversen » West-Friesland toen en nu » Deel 8, hoofdstuk 5

Gemaal in Andijk

Stoom bracht vooruitgang

In Andijk houdt een machtig gebouw de dijk als het ware in een omklemming. Het is 125 jaar oud en op de gevel staat de naam Het Grootslag. In dit gebouw bevonden zich vroeger de pompen en hun krachtbronnen voor de bemaling van de polder Het Grootslag. Het gemaal heeft veel betekend voor de ontwikkeling van de tuinbouw in dit gebied.

Het stoomgemaal Het Grootslag I aan de Dijkweg in Andijk.
Het stoomgemaal Het Grootslag I aan de Dijkweg in Andijk werd eind 19de eeuw in gebruik genomen en is nu ongeveer 125 jaar oud. (Foto Vereniging Vrienden van Oud Andijk)

Eeuwenlang was tuinbouw bedrijven in West-Friesland ook leren leven met het binnenwater, de poelen en moerassen, en strijd leveren tegen het buitenwater, dat regelmatig overlast veroorzaakte met overstromingen. Aan de strijd tegen het buitenwater kwam in de eerste helft van de 13de eeuw een voorlopig einde door het sluiten van de dijk die als een ring om West-Friesland ligt. In de 15de eeuw deden watermolens hun intrede in Het Grootslag. Die waren hard nodig voor een diepere ontwatering die met gewoon spuien onmogelijk was.
Maar men bleef afhankelijk van de wind en de capaciteit was soms onvoldoende zodat wateroverlast een probleem bleef, vooral voor de tuinbouwgewassen. Alhoewel er rond 1840 dertien molens in de polder stonden, bracht stoom uiteindelijk de gewenste uitkomst.

Tegen stoom

In 1843 werden dertien molens in de polder Het Grootslag voor het kapitale bedrag van 60.000 gulden omgebouwd tot toen moderne vijzelmolens, een belangrijke innovatie die meer capaciteit gaf. Maar toen kwam de stoommachine.
‘Het punt kwam ter sprake in een vergadering van hoofdingelanden van 19 October 1861. Toen werd voorgesteld om een proef met een stoomgemaal te nemen als steun voor de overige molens. Dit…ontmoette hevigen tegenstand van de conservatieve heeren Neefjes, Pool, Koopman, Stapel en Renkema. Zij verzetten zich met alle kracht’. Deze rijke veehouders zaten met hun grote bedrijven vooral op de hoge gronden, waar ze ook in natte tijden konden grassen en hooien. ‘Gelukkig echter was de meerderheid er voor.
De praktijk heeft de tegenstemmers in het ongelijk gesteld. Op 19 November 1861 werd besloten om een hulpgemaal te zetten te Andijk, dit ter vervanging van de drie oude Enkhuizers molens. De kosten bedroegen, ruw genomen ƒ 27.000,-. Het werd in 1863 in gebruik genomen. De drie molens brachten ƒ 1858,- op voor de sloop’.

(Citaten uit: P. Noordeloos en J. Morsink, Geschiedenis van den polder het Grootslag)

Van grasland naar bouwland

Tussen 1860 en 1890 verving men op grote schaal windbemaling door stoomkracht. Dat maakte de waterbeheersing onafhankelijk van een onzekere factor als de wind en het zorgde voor een fundamentele omslag in de landbouw. In 1863 werd in Andijk een hulpstoomgemaal in gebruik genomen. Dat werd een succes. Na bijna zes jaar besloot het polderbestuur het te vervangen door een groter gemaal en begon de afbraak van de windmolens. De verbeterde waterbeheersing versnelde de omzetting van grasland in akkerland, een proces dat eigenlijk al dateerde uit de Gouden Eeuw.
Tuinbouw was toen wel mogelijk maar kostte veel moeite. Om de gewassen niet te laten verzuipen, hoogde men de percelen op met slootbagger. Dat creëerde niet alleen vruchtbare akkertjes maar ook steeds meer sloten en slootjes. Aan dat ophogen kwam na de introductie van het stoom gemaal een eind, akkertjes konden worden afgegraven en slootjes gedempt. Mede door een toenemende vraag naar tuinbouwproducten in binnen- en buitenland, die inzette na ongeveer 1850, raakte het scheuren van grasland in een stroomversnelling.
In Bovenkarspel alleen al nam het grasland in de periode 1860 tot en met 1910 af van 450 tot 250 hectare en nam het akkerland toe van 350 tot ongeveer 600 hectare. Op die akkers trad tegelijkertijd een intensivering op waarbij handelsgewassen (meekrap, karwei-, mosterd-, kool- en blauwmaanzaad) werden vervangen door tuinbouwgewassen zoals vroege aardappelen, bloem- en sluitkool, wortelen, uien en tuinzaden. Dit was niet alleen het geval in Het Grootslag, maar ook in het Geestmerambacht. Nu pompen moderne gemalen het water snel weg en is er nauwelijks meer sprake van wateroverlast.

De bouw van het nieuwe pomphuis voor het gemaal Het Grootslag I omstreeks 1927. De bouw van het nieuwe pomphuis voor het gemaal Het Grootslag I omstreeks 1927. (Pc)

Na de bouw van het nieuwe gemaal aan de Dijkweg raakten Het Grootslag I en het hulpgemaal Grootslag II bij Bovenkarspel buiten gebruik.
Na de bouw van het nieuwe gemaal aan de Dijkweg raakten Het Grootslag I en het hulpgemaal Grootslag II bij Bovenkarspel buiten gebruik. Het nieuwe gemaal staat enkele tientallen meters ten oosten van Het Grootslag I en herbergt drie pompen met een totale capaciteit van 568 m3 per minuut. (Foto TM)

NB: Sommige foto's (en bijbehorende teksten) uit de originele uitgave zijn nog niet geplaatst.
De foto's met vermelding "Foto TM" zijn gemaakt door Theo Mes.

Bron: West-Friesland toen en nu. Deel 8, Tuinders, bollenbouwers en saetluyden, hoofdstuk 5. Auteur: Maarten Timmer.
Westfries Genootschap.

 


© 2001-2024 | Sitemap | Contact

Facebook: Ansichtkaarten van Andijk