Kistemaker

Thuis » Diversen » WO 2 »

Noordhollands Dagblad
vrijdag 6 mei 1977

Andijk — dag terug in de jaren '40-'45

Een zeer lang gerekt dorp aan de voet van de aloude Westfriese Ornringdijk. Een merkwaardig dorp in het Westfriese land.
Merkwaardig in velerlei opzicht. In de donkere jaren 1940-1945 herbergde Andijk op een gegeven ogenblik bijna 300 (Meer dan 1000 mensen zijn via de L.O. van Andijk, al dan niet direct, aan onderdak geholpen (red.). onderduikers. Calvinisme op zijn best. Een dorpsbevolking, trouw aan het grote gebod: heb uw naaste lief als uzelf. Gehoorzaam aan de grote opdracht: verberg de verdrevene en vermeld de omzwervende niet. Gisteren, 32 jaar na onze bevrijding –De terugkeer van het licht, van de vrijheid– waren een paar honderd onderduikers, samen met tal van verzetsmensen uit de kop van Noord Holland, terug in Andijk. Het “onderduikersmonument”, dat zij in 1949 de gemeente hadden aangeboden, bleek de tand des tijds niet te hebben doorstaan. Gisteren werd een nieuw – de gemeente aangeboden – monument onthuld: vervaardigd door de beeldhouwer Rob Ligtvoet uit Amsterdam. Twee uit steen gehouwen vrouwenhanden, die zich beschermend over de onderduiker uitstrekken.

Het werd onthuld door de 88-jarige Gerrit Ruiter, de oud-zaadhandelaar, die in de jaren 1940-'45 als plaatselijk commandant van de L.O. (Landelijke Organisatie) optrad. Gerrit Ruiter, wiens gezichtsvermogen hem in de steek heeft gelaten, had de 20 minuten durende speech — een historische terugblik, een opdracht en een bede — uit zijn hoofd geleerd. Zoon Jan (58) die zich naast zijn op zijn witte stok steunende vader had opgesteld, behoefde als soufleur geen dienst te doen.
“Andijk: één van de rijkste vruchten van Tante Riek”, zei Frits de Zwerver. Hij, ds F. Slomp (79) — die in de oorlogsjaren als gereformeerd predikant in Hoorn “stond” en de strijdbanier van de Winterwijkse huisvrouw mevrouw Kuipers-Rietberg (Tante Riek –de oprichtster van de L.O.–) overnam toen zij als gevangene naar Ravensbrück werd afgevoerd (en aldaar omkwam), schudde zijn vriend en broeder Gerrit Ruiter na het uitspreken van diens rede zwijgend de hand. En toen vervolgens het Wilhelmus werd gespeeld en krachtig werd meegezongen, was iedereen even alleen met zijn eigen gedachten.
“Hier zie je de vruchten van de arbeid, die in de jaren 40-45 illegaal is verzet. Hier, in Andijk manifesteerde zich het summum van het christen zijn. En dit monument zie ik als een bekroning van het werk van Tante Riek; een stuk werk dat ik ten dele heb moeten uitvoeren. Een paar beschermende vrouwenhanden. Want vergeet niet, het waren de moeders die al die onderduikers moesten verzorgen en te eten moesten geven, die het werk deden. Ik ben dankbaar, dat ik dit nog mag beleven. Zo'n samenkomst is voor mij meer dan alleen maar het terugzien van oude vrienden.
Natuurlijk, heel plezierig. Het is ook een waarschuwing. Mensen sluit de ogen niet. Blijft waakzaam. De vrijheid is een kostbaar goed”.
Frits de Zwerver. Nog altijd een weerbarstige grijze kuif, vriendelijke ogen die fel kunnen opflikkeren, een krachtige stem, zuigend aan zijn sigarenpijpje, nippend aan zijn jonge klare. Maar strijdbaar.
Onderduikers en verzetsmensen „bezetten” na de onthulling van het monument de raadszaal. Gastheer burgemeester W. Veldhuizen sprak van een hartverwarmende bezetting. Dichter Simon Vinkenoog — ik ben hier als een vriend van de beeldhouwer — gaf in een ontroerend gedicht zijn visie op het beeld: “meer dan twee stenen: een levensteken”. En de tranen schoten de dichter in de ogen, toen Frits de Zwerver hem na afloop de hand drukte.
“Bevrijd van de haat: ja, jongen, dat is het. Laat die drie oude mannen in Breda inderdaad maar naar huis gaan”.

Schrijver Ewalt Vanvugt (woonachtig in Andijk) riep, als vertegenwoordiger van Amnesty International, alle aanwezigen op het beeld niet alleen te zien als een verwijzing naar een blijvend monument van het verleden, van leed en moed van zovelen toen, maar ook als een inspirerend teken dat wij, vandaag en in de toekomst, de menselijkheid en de solidariteit zullen blijven opbrengen voor de verdrukten waar ook ter wereld.
En toen begon de reünie, het feest van de herkenning voor velen. Van Johnny die in werkelijkheid Gerrit bleek te heten, van „de Wilde” die als Ysbrandt door het leven gaat en van „Leo” die nu naar de roepnaam Jaap luistert. Geen ge-meneer en ge-mevrouw. Slechts voornamen en jij en jou. Sicco (Mansholt) liep er rond — “ik heb hem een borreltje afgetroffeld: bij hem thuis kreeg je vroeger zelden wat” – vertrouwde een oud-verzetsman me lachend toe. “Dikke Dick” (gedeputeerde Theo, Dick voor zijn vrienden, Laan) had zijn verzetsvriendin Tonny Hamilton meegenomen. De “Lady” die bij de Engelse commando's (rode baretten) haar opleiding kreeg, in 1944 bij Winkel werd gedropt en bij de landing haar beide benen brak (op zeven plaatsen) en haar opdracht niet kon uitvoeren. Haar opdracht was: de gehate Polizeiführer Rauter uit te schakelen. Op 7 mei 1945 werd zij voor verdere genezing naar Engeland gevlogen.
De commissie, die deze grote reünie had voorbereid, stond onder voorzitterschap van Trien de Boer-Stam, vroeger van de Zuidervaart in de Schermer. Gisteren op de eigelijke reünie, hoefde zij niks meer te doen; de reünisten kwamen tijd te kort om herinneringen op te halen. Zij praatten bij wijze van spreken de rafels aan hun tong.
Twaalf jaar geleden was er in Spanbroek een dergelijke reünie gehouden. We worden allemaal ouder. We moeten niet zo lang meer wachten tot een volgende reünie.

 


© 2001-2024 | Sitemap | Contact

Facebook: Ansichtkaarten van Andijk