Kistemaker

Thuis » Boeken » Groei en Bloei van de geschiedenis van Andijk » Pagina 82-83

9. Gezondheids- en armenzorg

Oorloof, mijn arme schapen... 1812 tot 1848

Het met zoveel fanfare aangekondigde ‘herstel van Neerlands onafhankelijkheid’, heeft het volk niet uit de nood geholpen. In 1824 wordt de Nederlandsche Handel Maatschappij opgericht, waarvan Willem I de grootste aandeelhouder is. De rijkaards, die er aan deelnemen, ontvangen 4,5%. Na enig verlies in de eerste jaren, volgen rijke winsten! Het Cultuurstelsel van ‘jonkheer’ van den Bosch helpt daaraan mee. Dat dit ten koste gaat van enorm veel Javanenzweet, doet er minder toe. In eigen land tiert de armoe welig.
Duizenden zijn werkeloos en vervallen tot bedelarij. Op de Veluwe wonen hele kolonies bijelkaar in hutten van stro. Er worden klopjachten gehouden, niet op wild, maar op mensen. Wie opgepakt wordt, wordt naar een van de werkkampen gestuurd, die de ‘Maatschappij van Weldadigheid’ reeds in 1818 opgericht heeft, Frederiksoord, e.d.

‘Weldadigheid’ is het wachtwoord van deze tijd! Het dichtvuur wordt er zelfs door ontstoken: de aalmoes, de berusting en de weldadigheid worden om het hardst bezongen, In een zalvend-vleierig gedicht ‘aan een Christen-Rijke’ door M.C. van Hall is een enkele regel bijzonder tekenend: ‘Een schaamle kinderschaar omringt U allerwegen’. Weldadigheid, bedeling overal. In 1847 wordt eenzesde deel van de Nederlandsche bevolking bedeeld: 155 bedeelden per 1000 inwoners. Hoe is het te Andijk? Ook hier ‘weldadigheid’. In een strenge winter mogen de arme mensen hardrijden op de schaats, om bonen, erwten, spek of worst, of ham (waarvan ze alleen maar hebben mogen dromen) en zelfs wordt er een ‘hemdenrace’ georganiseerd.

Op 14 September 1835 wordt hier een departement van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen opgericht. Dominee Van der Zee is president, meester Cornelis Korting vicepresident en dokter J.M.J. Engerlingh secretaris. De laatste twee zijn van Wervershoof, want de beide dorpen behoren nog bijelkaar. ‘Het Nut’ doet veel goed. Reeds op 11 December wordt een ziekenfonds opgericht, met plm. 40 leden. Ook streeft men naar beter onderwijs. In 1851 komt er een Naaien breischool ‘voor behoeftige meisjes’, 24 van Andijk en 32 van Wervershoof, dat is meteen 56 leerlingen. Ook aan armenzorg wordt gedaan: in 1843 wordt voor 35 gulden katoen gekocht en uitgedeeld en worden ‘zoowel Roomschen als Hervormden bedacht’, want het is immers ‘tot Nut van 't Algemeen’.

In dat zelfde jaar 1843 wordt de Nutsspaarbank Andijk en Wervershoof opgericht, om het sparen aan te moedigen. In 1844 wordt reeds voor fl. 1.378,30½ ingelegd en slechts fl. 75,- teruggevraagd. De rentevoet is 4% en de zuivere winst fl. 15,77. In 1848 zijn er reeds 150 inleggers, waarbij dienstboden die 50 tot 90 gulden inlegden’. Overigens is het Nut een club van notabelen het gewone volk komt er niet aan te pas. In eigen kring worden lezingen gehouden, om de algemene ontwikkeling van de leden wat op peil te brengen. Met de ontwikkeling van het gewone volk is nog droevig gesteld: na 1830 zijn er zelfs nog analfabeten,die als ze trouwen, niet eens hun naam onder de acte kunnen schrijven, ‘Verklarende geen schrijven geleerd te hebben’. Want leerplicht is er nog niet. Het leven gaat door. 18 September 1845 wordt Dirk Groot burgemeester. Hij is de rijkste boer van Andijk en meldt dat in zijn sollicitatie als aanbeveling! Hij is van 1845 tot 1859 burgemeester Andijk en Wervershoof samen. In 1845 wordt het eerste raadhuis(je) van Andijk gebouwd, pal achter Buurtjeskerk. Tot zolang heeft de gemeenteraad in de ‘Krimper’ vergaderd.


© 2001-2022 | Sitemap | Contact

Westfries Genootschap